Uw emailadres:
Opmerkingen:
Schrijf u in op de nieuwsbrief.
Uw emailadres:


Methode charmat

Tot aan het einde van de negentiende eeuw was de methode champenoise (gisting in de fles) de enige manier om mousserende wijnen te produceren. Om de productie te versnellen en de kosten te beperken, ontwikkelde de Italiaan Federico Martinotti (directeur van het oenologisch instituut in Asti, Piemonte) het idee voor een mousserend proces in een afgesloten stalen tank (een autoclaaf). Vervolgens werd dit idee gepatenteerd door de Franse ingenieur Eugène Charmat, en kreeg het proces de naam Methode Charmat (of Martinotti).

Omdat de methode Charmat snel en efficiënt is, blijven de natuurlijke primaire eigenschappen van de druif, gewaarborgd. Bij de Prosecco druif (nu glera genoemd) zijn dit de eigenschappen 'fruitig' en 'helder'. De mousserende wijnen die met de methode Charmat geproduceerd zijn, hebben iets lichtere kleuren (strogeel) met soms opvallende bleekgroene reflecties. De geur is levendig en helder, de wijn ruikt naar fruit, vers geplukte bloemen en kruiden. De wijn heeft een spontane, niet complexe smaak.

De tijd tussen de druivenoogst en de verkoop van een fles Prosecco bedraagt slechts enkele maanden. Aangeraden wordt om Prosecco binnen een anderhalf jaar na het bottelen te drinken, aangezien de wijn na een langere periode zijn fruitigheid en frisheid begint te verliezen en zo zijn identiteit kwijtraakt.